Pal Mer_P66. DE RENAISSANCE IN ITALIE (53) In Italië, vooral Florence, bespeuren we in de 15e eeuw niet alleen afbraak van Middeleeuwse ideeën, maar ook een compleet nieuw gedachtegoed en wereldbeeld. De RenaisSance, wedergeboorte, vergat de duistere, vreemde tijden van de MiddelEeuwen en greep terug naar de antieke Grieks-Romeinse civilisatie. Men wilde een totaal nieuwe 'moderne' levensstijl aannemen, zich totaal differentiëren van de duistere ME. Hierbij moet wel een aantal uitzonderingen genoemd worden: de basisinstituties van Europa stammen nl. uit de ME: de talen, nationaliteiten, de wetten, de regeringen, de economische producties. De basis van moderne wetenschappen ligt in de ME. De Italiaanse gedachten uit de QuattroCento hebben hun sporen wel achter gelaten in de Europese samenleving, vooral op het gebied van kunst, cultuur, wetenschap en filosofie. Men was meer aangewezen op zijn eigen smaak.
De Italiaanse steden waren de grootste steden die tijdens de ME ontstaan waren. De gilden in Italië waren talrijk en veelzijdig. De handelaren waren rijk en welvarend. Veel rijkdom, veel kunst. Handelaren met veel geld gingen geld uitlenen en kregen dit terug met winst; de eerste bankiers. De handelaren financierden ook de kunstenaars (soort sponsorschap). Ontwikkeling van het individu werd gestimuleerd. De steden waren onafhankelijke stadstaten. Belangrijkste was dus Florence, hoofdstad van Toscane. Veel grote namen: DanTe, MachiaVelli. De grootste leidende namen in de RenaisSance kwamen uit Florence. De geschiedenis van Florence loopt parallel met die van de MediCi. Er kwam een heel nieuwe idee van het leven, een heel nieuw levensritme. De nieuwe ontwikkeling van de mens uitte zich in zowel het sociale als het individuele leven. Hoewel iedereen zich als zichzelf moest ontwikkelen, was er toch een sterk gevoel van collectieve verantwoordelijkheid. De mens moest zijn nadruk leggen op de 'VirTu', de kwaliteiten en waarden van een ontwikkelde, geciviliseerd, voorbeeldig mens. De Renaissance en de nieuwe interesse in de mens en zijn natuur manifesteerde zich ook in nieuwe vormen van schilderen, beeldhouwen en architectuur. Er kwam een nieuw gevoel van realiteit, een nieuw bewustzijn van deze wereld. De ruimte was niet meer onbekend, zoals in de MiddelEeuwen, maar een beweegruimte voor levende wezens, mensen. Het was de taak van de kunst om deze mensen, deze ruimte, te bevatten en te verbeelden, te verwoorden. In de architectuur werden de Grieks-Romeinse stijlen weer geherintroduceerd, de klassieke stijl van symmetrie. Er werden veel meer mooie 'niet-kerkelijke' gebouwen gebouwd. Tuinen en terrassen werden aangelegd en aangepast aan het bijbehorende gebouw. Beelden, die in de ME toch meestal gediend hadden ter verfraaiing van kerken, ontwikkelde zich nu tot een zelfstandige vorm van kunst. Er werden wezenlijks objecten uitgebeeld waarin de kijker zich thuis moest kunnen voelen, zich in of tussen moest herkennen. Veel inspiratie werd, net als in alle kunst en architectuur van de Renaissance, gevonden in de Grieks-Romeinse oudheid. Bijv. het tonen van naakte beelden, iets wat in de ME ondenkbaar was. Schilderkunst was minder door de oudheid beïnvloed om de simpele reden dat er weinig schilderkunst uit de oudheid over is/was. Wel werden er nieuwe verfmaterialen en technieken ontdekt, bijv. de olie en het linnen. Er kwam een nieuw bewustzijn om de ruimte en de diepte (nieuwe wiskundige ontdekking) op een doek te gebruiken. Veel portretten van mensen, bijv. rijke kooplui die zich wilden laten vereeuwigen. Mensen werden 'menselijker' (nieuwe anatomische ontdekkingen) en vaak geplaatst in een natuurlijke omgeving, vaak de werkelijke wereld, de werkelijke ruimte, tijd en plaats (zie bijv. de Mona Lisa). Het heden, de werkelijkheid moest uitgebeeld worden. Schilderkunst werd minder symbolisch, meer realistische taferelen. Religieuze scènes werden ingevuld met 'echte' menselijke figuren. De hoofdlijn in de Renaissance was in elk geval de nadruk op schoonheid, op een mooie ongecompliceerde wereld.
HumanismE
Het humanisme had ook zijn effect op de educatie. Dit effect bleef tot op de dag van vandaag doorgaan. De universiteiten doceerden voornamelijk in rechten, medicijnen en theologie, als primaire educatie. Als secundaire educatie werden de leerlingen voorbereid op hun leven als man na hun schoolcarrière. Over onderwijs voor vrouwen werd in de tijd nog niet eens nagedacht. In de Ren werden universiteiten gereguleerd: jaar bij jaar in plaats van iedereen maar bij elkaar gooien. Latijn bleef het belangrijkste vak, daar kwam Grieks nu bij. Eloquentia en rhetorica bleven belangrijke vakken (veel Latijnse redenaars). Dit verhoogde nl. communicatie. Verder was er veel aandacht voor de zgn. 'sociale vaardigheden', in de sporen van het humanisme. Jonge mensen werden getraind in manieren en etiquette. Men werd geleerd zijn eigen individuele stijl te ontwikkelen. Hierin moesten de heren nastreven zich te gedragen als een 'courtier', een soort 'gentleman', zoals CastigLione in zijn boek beschreven had. Deze 'courtier' moest natuurlijk wel van goede huize komen, maar verder was het een kwestie van trainen en drillen. Een courtier moest ontwikkeld en welbespraakt zijn.
De Ren nam wel een grote internationale institutie af (RK kerk), maar bracht geen plaatsvervanger; lastig als iedereen al eeuwen anders gewend is. Ook ontwikkelde Italië geen structureel politiek systeem of beleid. In de meeste stadstaten was één man volgens het republikeinse principe de baas en werd door een groep raadslieden terzijde gestaan. Om hun positie te behouden huurden ze een leger in, zgn. 'CondotTieri'. Het was een komen en gaan van nieuwe leiders, vrij anarchistisch allemaal. Over dit gebrek aan patriottisme schreef MachiavelLi zijn meesterwerk IlPrincipe. Hiermee schreef hij een handboek voor staatszaken voor de Italiaanse leiders. Dit was de eerste politieke satire. In de ME hadden schrijvers als Thomas van Aquino altijd gepraat over God tov de leiders van een land die Hij aangesteld zou hebben. Hier ging het alleen maar om goed en slecht, volgens Gods maatstaven. Machiavelli echter scheidde dat geloof en het politiek regeren van een staat. Machiavelli stelde dat regeerders alleen maar in hun eigenbelang regeerden. Ze behouden of verliezen hun vertrouwen van het volk, maar alles in dienst van hun eigen opportunisme. Machiavelli gaf toe dat dat gedrag slecht was, maar dit was nou eenmaal de wijze waarop leiders handelden. Hij was enorm cynisch in een tijdperk waar politiek toch nog niet eens zoveel voorstelde. Toch had hij een duidelijke, onderbouwde visie; zeker belangrijk in een tijd van secularisering, waar men net nieuwe staten los van de kerk op begon te bouwen. De ideale staat was volgens Machiavelli de zgn. Nieuwe Monarchie; daar waar de vorst afhankelijk was van het volk en het volk de vorst accepteerde omdat deze handelde naar de wensen van het volk. De RennaisSance eindigde nogal abrupt in Italië. Italië lag er vrij hulpeloos bij, zonder standvastig duidelijk regime en zonder genoeg verdediging en genoeg samenwerking onderling. Vanaf 1494 werd Italië een spreekwoordelijk been en een daadwerkelijk strijdtoneel tussen Frankrijk en Spanje. In 1527 werd Rome finaal geplunderd, beroofd en verkracht door muitende Duits/Spaanse huurlingen. De paus en kardinalen werden gevangen gezet (we zitten nou ook al in de tijd van de Reformatie!). Na de val van Rome toen heeft Italië nooit meer zo'n bloeitijd gekend dan de Ren. |
MenuList
specific:
